drakentemmers

 

Hoe tem je een draak?

Op het moment draait “Hoe tem je een draak? Deel 2” in de bioscoop. Een leuke animatiefilm, mooi in 3D. Ik ben dol op draken, dus een film over draken is per definitie leuk. Mijn partner vindt vooral de ontwikkeling van de mannelijke hoofdrol, Hikkie, goed uitgewerkt. Een erg serieuze insteek om een middagje vermaak te beoordelen. En meteen de aanleiding om dit als blogonderwerp te kiezen.

Waarom zou je een draak willen temmen?

Draken zijn machtige beesten. In elke mythe. Ze zijn wreed, schier onverslaanbaar en hebben elk hun eigen bijzonderheid waar ze macht aan ontlenen. En ze hebben allemaal een gemeenschappelijke zwakke plek. Draken zijn namelijk trouw. Waaraan verschilt. Maar als je hun trouw gewonnen hebt, doen ze alles voor je. Dat geldt ook voor mensen. Althans, misschien doen ze niet alles voor je, maar wel veel. Zelfs de grootste draken van mensen.

Stel je eens voor. Je wilt iets veranderen binnen de organisatie waar je werkt. Of misschien wel binnen je familie of vriendenkring. Maar er zijn een paar zeer machtige, invloedrijke figuren die dat tegenhouden. Ze zijn tegen je! Zou het dan niet geweldig zijn, als je hen weet te bewegen die macht en invloed in te zetten op een manier waar jullie allen plezier aan beleven?

Ervaring met het temmen van een draak

Ik ken meerdere draken van mensen. En sommigen ga ik gewoon liever uit de weg. Soms kan dat niet. En dan is het goed te weten hoe je een draak temt. Belangrijkste filmles? Je moet ze laten denken dat je een van hen bent. Zo win je hun vertrouwen. Dat leer je al in Deel 1. Zo ging het ook met een collega waar ik jaren mee heb samengewerkt, en die ik nu als een goede vriend zie.

Het eerste jaar van onze samenwerking was oorlog. Samenwerking was een eufemistische uitdrukking. We waren het nooit met elkaar eens. Ik vond hem te pragmatisch. Hij mij een stafneuzel. Tot we een keer samen bedachten hoe we een sessie met zijn MT-collega’s zo zouden kunnen invullen dat het voor het MT nuttig was en ik mijn “verplichte stafgeneuzel” kon rapporteren. We waren aan het werk, in een flow. En het drong niet eens tot me door. Pas toen we rond waren en afscheid namen viel het me op. Ik kreeg een hand, en de opmerking: “Dat is voor het eerst dat we elkaar niet in de haren zijn gevlogen.” Deze collega bleek later mijn trouwste supporter, omdat ik met hem had meegedacht. En daarna pas invulling had gegeven aan mijn eigen belangen.

Als auditor of risk manager werkt dit prima. Echt. Denk mee vanuit de positie van de business. En ga daarna pas nadenken over hoe je daarbij jouw opdracht kan invullen. Met wat creativiteit kom je een heel eind.

En wat als de draak niet getemd wil worden?

Paaien. Niet omkopen. Dat is wat anders. Maar je goede wil tonen. Ik doe dat met lekkers. Bak een taart en trakteer. Met stroop van je meer vliegen dan met azijn. Deze week werd dat de citroentaart uit het Heel Holland bakt bakboek voor thuisbakkers. Friszuur, maar erg lekker. Alleen de temperatuur wat lager kiezen dan in het recept, zo’n 20 graden.Citroentaart

stuurlui

Brazilië

Een groot deel van Nederland is in de ban van Brazilië. Niet zozeer van het land. Nee, van het WK Voetbal, dat daar momenteel plaatsvindt. Er zijn rapportages over Brazilië. Ook over andere onderwerpen dan voetbal. Over de armoede, over corruptie, over het niet klaar zijn van de voetbalstadions. Over Nederlanders die beroofd zijn van hun dikke gouden kettingen om de hals. Over onvrede onder de Brazilianen over het geld dat aan de WK besteed wordt, in plaats van aan onderwijs en gezondheidszorg.

Wat we niet lezen of horen, is wat een heerlijk land Brazilië ook is. Ik ben er jaren vakantie gaan vieren. Kan me enigszins redden in de taal. En spreek daardoor niet alleen de mensen in de horeca. En ik ken maar weinig Brazilianen die met ons Nederlanders zouden willen ruilen. Ondanks alle negatieve zaken. Wat we missen bij al die negatieve berichten is context.

Nederland

In Nederland houden we van klagen en zeuren. Over het weer, over de politiek, over het werk. Het is nooit goed. En we weten het altijd beter. We kunnen maar moeilijk accepteren dat in andere landen anders gedacht wordt. Dus zouden wij het wel weten, met die favelas in Rio de Janeiro en São Paulo. En met de corrupte politici. Op de schop ermee.

Voetbal

Over voetbal kan ik kort zijn. Ik vind er geen bal aan. Ik kan lachen om de hype die elke keer weer ontstaat om alle gimmicks rondom het voetballen. Om mensen die carnaval haten, maar zich finaal oranje uitdossen om samen voor de televisie te hangen om een wedstrijd te kijken.

Ik zie dat ook bij voetbal, of misschien wel juist bij voetbal, ook geldt dat de beste stuurlui aan wal staan. Toegegeven, op het moment van schrijven heeft Van Gaal het goed gedaan. Nederland heeft alleen nog maar gewonnen en mag door naar de volgende ronde. Maar alleen al de commentaren vooraf, over de voetballers die wel of juist niet mee gingen naar Brazilië. Over de opstelling. Over de strategie, of juist het gebrek daaraan. Zelfs mensen die zeggen niets met voetbal te hebben, weten beter hoe gespeeld moet worden, dan Louis of de voetballers zelf, daar in Brazilië. “Je hoeft het niet zelf te kunnen om te weten hoe het moet. Afstand geeft inzicht.” En zo kan ik nog wel even doorgaan met de onderbouwing van die alwetendheid.

Verdedigingslinies

Ook de verdedigingslinies van organisaties maken zich vaak schuldig aan alwetendheid. De 2e en 3e lijn hebben als taak te zorgen dat het hogere management met een gerust hart kan gaan slapen. En heel wat collega’s vullen die taak in, door op de stoel van de manager te gaan zitten. Omdat zij het zo goed weten. Beter dan die manager, denken ze. Geen wonder dat een manager daar niet van gediend is. Die kent immers de context en inhoud van zijn werk. En weet ook waarom dingen gaan zoals ze gaan. En net als bij voetbal geldt: het is altijd gemakkelijk praten op afstand. Maar het zelf doen, dat is een andere zaak. Voor mij is en blijft audit en risk management vooral een vak van sturen op gedragsverandering. Gebaseerd op onderzoek. Daar kunnen al die voetbalcoaches aan de wal nog wat van leren.

Doce de abóbora com coco

Om toch een beetje in voetbalsferen te blijven dit oranje Braziliaanse hapje: “Doce de abóbora com coco” oftewel: zoete pompoen met kokos.

Kook 1 kilo schoongemaakte en in blokjes gesneden flespompoen in ongeveer 20 minuten gaar in water met een kaneelstokje. Giet de pompoen af, verwijder het kaneelstokje en stamp of prak de pompoen grof. Voeg 600 gram suiker, 3 kruidnagels en 150 gram geraspte kokos toe en zet op een laag vuur. Blijf roeren tot de masse als een bal van de bodem van de pan loslaat (ongeveer 15 minuten). Serveren met stukjes verse kaas. (bron: Comida caseira)

In Brazilië zou men voor kaas uit Minas Gerais kiezen. In Nederland is feta een redelijk alternatief.

een planning

Waarom in vredesnaam?

Ik ben de afgelopen week druk geweest. Druk met plannen. En druk met achter mezelf aan lopen. Met twee nieuwe opdrachten is het altijd even zoeken wat je nu precies moet doen, wanneer het klaar moet zijn en, niet onbelangrijk, hoeveel tijd je daar voor nodig hebt. Daar kwam nog bij dat de vakantiekriebels ook beginnen te komen, dus er moest ook gekeken worden naar mogelijkheden voor de vakantie. En waar ik graag weet waar ik aan toe ben, is mijn partner meer geneigd dingen op zijn beloop te laten. Zeker omdat we niet aan het hoogseizoen gebonden zijn.

Zelf werk ik het beste met een duidelijk beeld van wat ik moet realiseren en wanneer dat klaar moet zijn. Maar verder wil ik zoveel mogelijk vrijheid. Helaas kan dat niet altijd. Een opdrachtgever wil weten wat hij aan uren mag verwachten en of je binnen je, zelfopgestelde, budget gaat blijven. Fixed price is geen optie, want de materie en omgeving zijn te onbekend, dus uurtje/factuurtje is de manier van werken.

Zo zat ik dus een prachtig Pinksterweekend grotendeels te verdoen met planmatige werkzaamheden, die ik zelf niet prettig vind en die mij niet helpen. Ik hoop maar dat mijn opdrachtgever er wel blij van wordt. Ik word blij van het idee dat ik straks deze heerlijke crèmetaart met appel en rabarber mag eten, uit het boek “Appeltaart” van Janneke Phillipi. Ook al vraagt het wat planning, doordat alles moet koken, koelen, bakken, koelen, bakken, etc.

P1050752 bewerkt

Doorlooptijd

Qua doorlooptijd is het voor mij altijd gemakkelijk. Het gaat erom wanneer het eindresultaat er moet liggen. En welke afhankelijkheden er zijn. Daar stuur ik op. Als ik dan eens wat meer moet werken, of niet in de zon kan liggen, maar moet werken, het zij zo. Maar veel mensen willen meer zekerheid, zeker in het zakelijke.

Met mijn vakantieplanning gaat het net als met mijn zakenplanning (als ik het voor het zeggen heb). Ik wil weten wanneer ik op het vliegtuig moet stappen en tot wanneer ik in mijn hotel kan inchecken. De rest is flexibel. Dus de doorlooptijd is zo lang als er tijd beschikbaar is.

Deadlines

Ja, kijk, deadlines heten niet voor niets zo. Als je die niet haalt, gaat het mis. En goed ook. Als je je vliegtuig mist, is er heus wel een ander. Maar je vakantie start niet lekker. En als je hotel je kamer heeft weggegeven als jij doodmoe aankomt, zou je ook willen dat je beseft had dat er een deadline was. Vandaar ook die afhankelijkheden. Je wilt er niet op het laatst achterkomen dat je te laat iets in gang hebt gezet om op tijd klaar te zijn.

Deliverables

En dan waar het uiteindelijk om gaat. Deliverables. Oftewel, het doel waartoe de uitvoering van de plannen moet leiden. Je moet dan wel weten wat echt belangrijk is. Het is belangrijker om het vliegtuig te halen, dan dat het laatste jurkje gestreken en wel in een koffer zit. Even simpel gezegd. En zo is het ook bij opdrachten. Het is handig om te weten wat must haves zijn, en wat nice to haves. Want daar zit speling.

Het is ook nooit goed

In de praktijk is het gewoon nooit goed. Als je gedetailleerd en strak plant, blijkt altijd dat je planning niet klopt. En het kost je wel heel veel tijd om alles bij te houden. Als je te globaal plant, blijk je altijd dingen te vergeten. Als je dingen vergeet, moet je of uitstel krijgen, of jezelf tien keer een slag in de rondte werken. Allemaal niet de bedoeling. De truc is een niveau van comfort te vinden voor zowel de opdrachtgever als jezelf. Dat valt soms niet mee. Maar het is wel het enige dat werkt.

iets speciaals

Speciaal, wat is dat eigenlijk

Volgens woordenboeken is speciaal: “bepaaldelijk, bijzonderlijk, uitzonderlijk, bijzonder, extra, in het bijzonder, inzonderheid, met name, uitdrukkelijk”. Speciaal is niet normaal, niet gewoon. En vaak zijn de omstandigheden waarin je als zelfstandige aan het werk gaat ook speciaal. Niet zozeer voor de zelfstandige, wel voor de opdrachtgever. Onderbezetting, ongebruikelijke onderwerpen die geaudit moeten worden, nieuwe eisen van toezichthouders voor risicomanagement, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Als zelfstandige doet men meestal een beroep op je vanwege je specialisme(n). Een specialisme dat past bij de ongewone situatie.

Vakidioten

In het land van auditors en risk managers lopen veel vakidioten rond, specialisten op hun eigen gebied. Niet denigrerend bedoeld, ik ben er zelf ook één. In ons vak moet je van alles heel veel weten om processen te kunnen onderzoeken. We horen zowel de organisatie, de branche als de macro-economische ontwikkelingen te kennen. En te snappen hoe die elkaar beïnvloeden. En elk hebben we daar onze eigen handvatten voor. Veelal aangereikt tijdens onze opleiding. Regelmatig aangevuld en genuanceerd door ervaring. In die ervaring doen we heel wat aanverwante kennis op, omdat ons werk de hele organisatie bestrijkt.

Het juiste moment

Zo kom ik regelmatig in een situatie waarin ik contracten moet beoordelen, als onderdeel van een onderzoek. Een jurist kan dit in principe veel beter, zeker als het gaat om de houdbaarheid van het contract.
Of ik mag een proces beoordelen, een proces dat ik zelf nooit heb uitgevoerd en dat ook zo weinig voorkomt dat er nauwelijks ervaring van op schrift is gezet. Met gezond boerenverstand kom ik vaak een heel eind. En interviews met betrokkenen leveren extra duidelijkheid. Maar bij de eindbeoordeling moet ik wel alert zijn:  een betrokkene kan een belang hebben bij het schetsen van een bepaald beeld. Dan is extra onderzoek nodig. Bijvoorbeeld, meer dan één betrokkene interviewen. Als betrokkenen elkaar dan gaan tegenspreken, of er zijn onvoldoende betrokkenen die informatie kunnen geven, wordt het tijd voor een inhoudelijke specialist.

De juiste persoon

De juiste persoon vinden is dan nog niet zo eenvoudig. Iemand met de juiste expertise, die onafhankelijk is van het te onderzoeken proces, maar wel met voldoende kennis van zaken. En die bovendien in staat is die kennis over te dragen aan een auditor die min of meer leek is op het betreffende gebied. Het blijft lastig. Ik ben er ook nog steeds niet achter hoe dat moet. Ik werk met trail en error. Als iemand tips heeft, graag.

P1050736 bewerkt

Wij hebben Rutger (van Heel Holland Bakt), België heeft Louie (van Baked Louie’s). Soms moet je gewoon er vanuit gaan dat een specialist het beter weet. En al klinkt candied bacon cookies als een onsmakelijke combinatie, ik houd van bacon en van koekjes. Dus vertrouwde ik op de specialist (Louie in dit geval) en sloeg aan het bakken. Dit was het resultaat. En de smaak … Je kunt dit koekje gerust serveren. Verwacht geen zoet koekje, maar een heel licht zout, boterachtig koekje. Lekker. P1050746 bewerkt

vriendschap

Delen is vermenigvuldigen

Je hoort het wel eens. Delen is vermenigvuldigen. Rekenkundig is dat bijna juist. Ik heb ooit geleerd dat delen gelijk is aan vermenigvuldigen met het omgekeerde. Dat omgekeerde gaat dan over de teller en de noemer in een breuk. Klopt altijd, rekenkundig.

In de echte wereld klopt dit niet altijd. Kennis kun je delen, zonder dat die kennis minder wordt. Minder waard misschien, omdat ze minder uniek wordt. Of meer waard, omdat die kennis ten goede gebruikt wordt door meer mensen. Voor plezier geldt hetzelfde. Mooi is dat. Zo kan delen dus inderdaad vermenigvuldigen worden.

Meststof

Een andere vorm van vermenigvuldiging is groei. Meer van hetzelfde. Zoals mest planten beter doet groeien, zijn er tal van zaken die mensen figuurlijk doen groeien:

  • Feedback
  • Aandacht
  • Coaching
  • Hulpmiddelen bij problemen
  • Etc.

Als zelfstandige wordt je vaak ingezet om kwantitatieve capaciteit aan te vullen. Soms in combinatie met kwalitatieve capaciteit. Als je geluk hebt, vooral vanwege kwalitatieve capaciteit.

Ik vind het belangrijk niet alleen te leveren wat een klant vraagt aan producten. De kwantitatieve kant, zeg maar. Ik vind het een prettig idee dat de klant door mijn komst ook kwalitatief verbetering ervaart. Dus als mij verbeterpunten opvallen, laat ik niet na daar wat mee te doen. Niet met grootse veranderprogramma’s, maar door een persoonlijke aanpak, in een veilige setting. Zo help ik mensen groeien. Soms in kennis, soms in vaardigheden. Dat is een extraatje. Voor mijn klanten en voor mezelf. Ik stop er een beetje in, anderen krijgen er een hoop voor terug.

Weten wat je deelt

Het is goed je ervan bewust te zijn wat je deelt. Managers die hun frustratie delen, krijgen een gefrustreerd team. Niet zo raar, toch? En aangezien we niet niet kunnen communiceren, moet je je als leidinggevende dus erg bewust zijn van wat je uitstraalt en zegt. Niet altijd gemakkelijk. Dus constateer je een keer dat je minder handig bezig bent geweest, benoem dat dan. En doe het volgende keer anders. Dan laat je in elk geval zien dat fouten maken mag, dat je ze bereid bent toe te geven en dat je er aan wilt werken. Een mooi voorbeeld als rolmodel. En met een beetje geluk ook meteen gedrag dat gekopieerd wordt.

Herman

Deze cake is een vriendschapcake, in de volksmond bekend als Herman of Pleun. Ik vond het wel leuk deze weer eens te maken en toog aan de slag met dit recept. Helaas was ik net even te gehaast bij het maken van het startdeeg en sloeg ik de eerste twee stappen over. Het gevolg was dat mijn keuken 10 dagen naar alcohol rook. Want ik had er alle vertrouwen in dat het goed zou komen met Herman.

Nou ja, bijna alle vertrouwen. Voor ik 4 bakjes startdeeg onder vrienden verdeelde, besloot ik eerst de vriendschapscake te bakken om te zien hoe die uitpakte. Smaak prima. Uiterlijk minder. Niet gerezen, niet helemaal gaar. Ik heb geen startdeeg uitgedeeld; ik wil geen zieke vrienden. Wel wil ik volgende keer de starter maken zoals het hoort. En dan na 9 dagen startdeegjes en recepten uitdelen.

inspiratie

Ik weet het even niet

Ik weet het echt niet. Waarover moet ik nu bloggen? Nul inspiratie. Geen inspirerende recepten. Zaterdag, wiedend in mijn kruidentuintje, had ik allerlei invallen. Vandaag, op een druilerige zondag, lijkt er geen een geschikt.

Het overkomt iedereen wel eens. Je zoekt naar een oplossing voor een probleem. Naar een andere aanpak. Omdat alle oude manieren niet bleken te werken. Of omdat je nou eenmaal een keer iets anders wilt. Of omdat het probleem nieuw is, dus er nog geen bekende manier is. Maar oplossingen dienen zich niet altijd aan.

Creativiteit kun je leren

Je zou willen dat je min of meer op commando briljante invallen kon creëren. Voor je werk, waar je uitgedaagd bent om een nieuw onderwerp op te pakken. Of thuis, waar je toe bent aan een nieuw interieur, maar tijd en geld ontbreken. Dus ga je zitten, staart in de verte en wacht. En wacht. Op dat geniale idee. Soms komt het, soms niet.

Het goede nieuws is, dat je creativiteit kunt bevorderen. Echt waar. Ik heb er een training voor gevolgd bij Feedback. En het werkt! Wat heerlijk. Als het nodig is, kan ik mijn creativiteit op “aan” zetten.

Een addertje zit er wel onder het gras. Je moet er een zeer strak proces voor doorlopen. Alle vier stappen. Ook de stappen waar je geen energie van krijgt. En laat ik nu net uit de laatste stap mijn energie halen. Dat betekent dus eerst worstelen door drie andere stappen. En in dit geval ook nog alleen, zonder mijn trainingsmaatjes.

Oplossingen

Ik dacht het mezelf gemakkelijk te maken. Vroeg mijn echtgenoot om een tip voor een blogonderwerp. Er volgden er probleemloos een aantal. Die ik niet geschikt vond. Waar ik geen verhaal bij kon verzinnen. Of geen recept. Kortom, dat hielp niet.

Tijdens de training hebben we ook geleerd dat veel water drinken helpt om je creativiteit te stimuleren. Dus dronk ik water. En wachtte. Tevergeefs. Liep de tuin in, op weg naar mijn kruidentuintje, voor inspiratie. En werd natgeregend. Nog geen inspiratie. Maar ook niet voldoende gefrustreerd om me aan het strakke creativiteitsproces te zetten.

Zittend aan de eettafel dronk ik wederom een glas water. Verbazingwekkend hoe saai water kan smaken. En ineens dacht ik terug aan de training over creativiteit en aan mijn kruidentuin. En hoe die samenkwamen met een recept. Toegegeven, het kan bijna niet simpeler, maar toch. Citroenmelisse, daarin ligt de oplossing. Water, met daarin enkele takjes citroenmelisse. Fris van smaak, net even anders.

Ik heb citroenmelisse in mijn kruidentuin. Na enkele uurtjes wieden was het gescheiden van vele soorten onkruid, onstuimig groeiende pepermunt en lavas en een gemene brandnetel. Daar heb ik gebruik van gemaakt. Zodra het droog was, maakte ik water met citroenmelisse.

Blokkade

Mijn grootste blokkade voor een creatieve oplossing was dat ik vast probeerde te houden aan wat voor mij een recept is: een lijst met ingrediënten en een werkbeschrijving. “Doe enkele takjes verse citroenmelisse in een kan water.” valt daar voor mij niet onder. Maar het werkt wel.

Blokkades loslaten is noodzakelijk voor nieuwe ideeën. Maar dan moet je wel eerst doorhebben wat die blokkades zijn.

Citroenmelisse

appeltaart

Dat is zo standaard…

Afgelopen week stond er in ons lokale krantje een artikel over een nieuw bedrijf in het centrum, waar men kan genieten van een kopje thee of koffie met gebak. “Geen appelgebak! Dat serveert men overal al.” Voor mijn man was met deze opmerking elke interesse verdwenen. Mijn man houdt namelijk erg van appelgebak. Het is eigenlijk het enige dat hij bij zijn koffie bestelt, als we ergens een “bakkie doen”. Het is natuurlijk niet voor niets, dat bijna overal appelgebak wordt geserveerd. Wij Nederlanders houden van appelgebak. Natuurlijk, als je je in een niche wilt begeven, kies je juist niet voor de standaard. En je accepteert dat je doelgroep daardoor een stuk kleiner wordt. Ik ben benieuwd of deze nieuwe horecagelegenheid over een jaar nog bestaat, zonder appelgebak.

Het universum opnieuw uitvinden

Eveneens afgelopen week, en wel op 12 april stond op de coachingskalender: “Als je een appeltaart helemaal zelf wilt maken, moet je eerst het universum opnieuw uitvinden.” Een nadenkertje. Voor mij kwam het er zonder toelichting op neer, dat ik zou moeten ontdekken hoe ik appels kan telen en welke soort dan. Hoe ik boter kan maken. Of misschien is een appeltaart wel lekkerder met olie. Niets staat meer vast, niets is meer zeker. Een uitdaging. Absoluut. Leuk om over te fantaseren ook. Hoe zou een helemaal zelf bedachte appeltaart er dan uitzien.

Op de achterkant van het 12 aprilblad stond een mindfulness oefening. Over met aandacht appels proeven. Zo kun je het natuurlijk ook bekijken, dat universum opnieuw uitvinden. Door met aandacht met iets bezig te zijn, zelfs zoiets als een standaard appeltaart proeven, ontdek je nieuwe aspecten.  De structuur van de vulling, het knappen van de korst, de geur van kaneel die zich mengt met het zoete van de appeltjes. Het koele van smeltend ijs of smeltende slagroom als contrast met het warme appelgebak. Allerlei sensaties maak je bewuster mee.

 Onderzoek alle dingen en behoud het goede

Ik ben in voor nieuwe dingen. Ik houd van experimenteren. Zeker als het om eten gaat. Maar aan sommige dingen moet je niet aankomen. Een klassieker is niet voor niets een klassieker. En appeltaart is niet standaard. Appeltaart is een klassieker. Daar mag je best op variëren, maar wel met respect.

Met audits is het niet anders. Natuurlijk zijn er nieuwe technieken om informatie te verkrijgen, beoordelen en rapporteren. De ontwikkelingen op ICT-gebied maken het mogelijk om veel interactiever te communiceren. Kennis over psychologie geeft handvatten voor interviewtechnieken, oordeelsvorming, het “verkopen” van je oordeel en je aanbevelingen. Alle mogelijkheden en kennis moet je vooral ook benutten. Maar niet omdat het kan, maar omdat het waarde toevoegt om ze te gebruiken. Waarom tijd en geld besteden aan serious gaming, als je ook met interviews of filmopnames kan volstaan? Waarom een flitsende presentatie die de aandacht afleidt van de inhoud? Niet dat serious gaming of een mooie Prezie niet goed zijn. Maar je moet wel nadenken over wat je wilt bereiken en de middelen daarop aanpassen. Niet de middelen inzetten omdat ze zo leuk zijn, ongeacht het doel. Een Raad van Bestuur en commissarissen willen weten of ze gerust kunnen gaan slapen. Daarbij is de inhoud van meer belang dan de wijze waarop de boodschap gebracht wordt.

Kruimeltaart met appel

In mijn oven werd de taart te donker. Iets korter (zo’n 10 minuten) en op 175 graden was vermoedelijk beter geweest. De smaak is prima.

meer

1+1=3! Rekenkundig zo fout als het maar zijn kan. Toch hoor je deze uitspraak regelmatig. Om te benoemen dat de som meer is dan het geheel der delen. Soms als wens, soms als constateren. Zolang het om goede dingen gaat, is het altijd leuk als de som meer is dan het geheel der delen. Zo is dat ook als je met mensen samenwerkt. De praktijk is helaas zo dat je dat niet altijd voor het kiezen hebt.

Einzelgänger?

Zelfstandige zijn lijkt soms alsof je er voor kiest om niet samen te werken. Lekker, alles zelf besluiten. Niemand die zich met jouw zaken bemoeit. Voor mij zeker reden om als zelfstandige verder te gaan, in plaats van in te gaan op een mooi aanbod voor een vast dienstverband. Maar een einzelgänger ben ik beslist niet. En in mijn werk kan dat ook niet.

Ik heb te maken met een opdrachtgever, met collega’s. En hoewel het zakelijke doel het logische bindingsmiddel is, vind ik het wel zo leuk om ook prettig te kunnen werken. Onderlinge verstandhoudingen kunnen een klus maken of breken. Echt. Ongeacht hoe interessant de materie is, op een verziekte sfeer loop ik leeg.

Teamplayer?

Als zelfstandige kies je zelden je collega’s. Je werkt waar je inzet gewenst is. En als je geluk hebt, heb je leuke collega’s. Toch? Nee, niet helemaal. Met alle theorieën en modellen over teams en samenwerking bestaan er volop handvatten om de situatie naar je hand te zetten, zou je denken. En juist als zelfstandige, die regelmatig met nieuwe collega’s wordt geconfronteerd, heb je volop kans en noodzaak om ervaring op te doen met het leren samenwerken. Je inkomen hangt er mede vanaf.

Zelfkennis

Een behoorlijk aantal modellen over teams en samenwerking gaan er vanuit dat je collega’s kunt kiezen. Dat is zelden zo. Toch helpen benaderingen als Belbin, Management Drives, DISC, kernkwadranten, de roos van Leary, Myers-Briggs  en enneagrammen wel. En dit zijn dan nog alleen de voorbeelden van aanpakken die ik zelf ervaren heb. Voor mij bleken ze vooral nuttig om je zelfkennis te vergroten.

De waarde van 1≠1

Als je jezelf kent, weet je hoe je naar anderen kijkt. Bij mensen die op ons lijken, voelen we ons op ons gemak. Mensen die goed zijn in iets dat we zouden willen kunnen, die bewonderen we. En voor de rest blijft over dat “we het er mee moeten doen”.

Wat helpt om die groep mensen waarmee ik moet doen tot fijne collega’s te maken, is mijn blik op hen veranderen. Want die mensen zelf veranderen is een onmogelijke taak. Voor mij blijft in samenwerking de belangrijkste de benadering van de kernkwadranten en dan met name het allergie-aspect. Voor degenen die het niet weten, bij kernkwadranten wordt er vanuit gegaan dat  je het meest kunt leren van die mensen aan wie je de grootste hekel hebt. Dat is voor mij altijd de uitdaging. Bij de “moeilijke” collega’s ontdekken wat ik van hen kan leren. En ze tegelijkertijd meer als mens zien, dan alleen als dat “moeilijke gedrag”. Want diep in mijn hart houd ik van contrasten. Meer van hetzelfde is gauw saai. Ik geloof dat 1+1=3 kan, maar alleen als de ene 1 niet de andere 1 is (1≠1).

P1050515 geknipt Jaap

Mijn favoriete toetje is een kaasplankje met een mooi glas port. Pittig en romig, gecombineerd met wrang en zoet. Dat is voor mij zelfs 1+1=4. Zo ook deze Stiltonmousse met gelei van rode port.

 

een viermoment

Feestje
Als geboren en getogen Brabantse leef ik volgens het motto dat elke aanleiding een goed excuus is voor een feestje, of op zijn minst iets lekkers! Zo waren mijn man en ik afgelopen week 28 jaar getrouwd. Mijn bedrijf, I AM KIM, zag 6 jaar geleden het levenslicht. Een van onze katten werd 8 jaar. En ik had een erg blije opdrachtgever. Allemaal reden voor een feestje.

Voordelen
Voor mijn gewicht is het niet zo’n heel verstandig motto. Soms moet ik even streng zijn, en is mijn gewicht belangrijker dan de voordelen van viermomentjes met lekkers. Dan blijven de viermomentjes, maar dan zonder lekkers. En ook die momenten koester ik. Viermomenten hebben namelijk voordelen:

  • Je kunt er naar uitkijken, je erop verheugen
  • Je kunt er van genieten
  • Je deelt de vreugde van je prestatie met anderen
  • Je kijkt terug op iets dat je bereikt hebt, waardoor je je bewuster bent van een prestatie
  • Je herinnert je bewuster dat je wat bereikt hebt

Zwartkijkers
Mensen die niet zo bekend zijn met audit en risk management, zien de uitvoerders van deze rollen vaak als zwartkijkers. Auditors zouden hun viermomentjes hebben, zodra ze iets vinden wat niet goed gaat. Risk managers hebben hun goede dag als er iets mis gaat waarvan zij al lang lopen te roepen dat het mis zal gaan. Volgens de mensen die niet bekend zijn met deze vakgebieden. En volgens mensen die te doen hebben (gehad) met mensen uit deze disciplines die inderdaad vieren dat er iets mis gaat. Die dus een andere kijk hebben op viermomentjes dan ik. Omdat zij betaald worden om dat te signaleren.

Viermomenten voor auditors en risk managers
Zelf zie ik het heel anders. Voor mij is een viermoment niet het moment waarop ik ontdek dat iets fout loopt. Een viermoment is als mijn gesprekspartners herkennen dat er zowel aanleiding als mogelijkheid voor verbetering is. Als ze uit zichzelf met oplossingen komen. Dan heb ik mijn werk goed gedaan. Een viermoment is als ik mijn ambitieuze afspraken heb weten na te komen, mijn doel bereikt heb. En dat doel is niet aantallen fouten vinden. Dat doel is wel waarde toe te voegen voor mijn klanten, bij voorkeur met wat plezier gelardeerd. Zeker in een vakgebied waarin je als zwartkijker wordt ervaren, is het belangrijk bij de positieve momenten stil te staan. Dus volgende keer vieren:

  • Een goedgekeurde opdracht
  • Een gehaalde planning
  • Een opdrachtgever die jouw opmerkingen serieus neemt en er mee aan de slag gaat
  • Een medewerker die door een gesprek met jou zelf beseft waar hij of zij verbetering in het eigen werk kan aanbrengen
  • Een tevreden klant
  • Elk lustrumgetal: 5e, 10e, 15e, etc. afgeronde audit, risk assessment
  • Dat je fantastische collega’s hebt

Afgelopen week kreeg ik van een vroegere collega een bakvorm voor vier kleine gebakjes. Omdat zij weet dat ik graag momenten vier, maar nu even op de lijn let. En dan niet meteen een grote taart wil bakken. Ook zo’n collega is een feestje waard.

chcoladehartje

Chocolade en hazelnootcake (250 ml, voor vier kleine vormpjes)
Mix 50 gram zachte boter en 50 gram suiker goed door elkaar. Voeg een ei, 15 gram cacao, 10 gram fijngehakte hazelnoot en een eetlepel melk toe en tot slot 40 gram gezeefd tarwemeel en een snufje bakpoeder. Meng goed. Giet het mengsel in de vormpjes en bok 20  minuten in een voorverwarmde oven van 170 graden.

 

verbetering

Ik ga altijd voor een 10. Ik ben een perfectionist. En hoewel ik in de loop der jaren heb geleerd dat er verschil is tussen maximaal en optimaal resultaat, blijf ik streven naar het best haalbare. Privé en in mijn werk.

Cijfers

Op school kreeg ik cijfers. Soms goed, soms slecht. En ook nu krijg ik cijfers. Vrienden die bij ons komen eten vraag ik om een cijfer voor de gerechten. Dat helpt mij de volgende keer nog meer aangepast aan hun smaak te koken. Op mijn werk krijg ik cijfers. Mijn vakvereniging schrijft voor dat elke audit wordt geëvalueerd. Soms gebeurt dat door middel van cijfers. En in beide gevallen streef ik naar die 10.

Voor meerdere uitleg vatbaar

Laat ik beginnen met een pastasalade die ik ooit maakte. Bijgerecht voor een BBQ op een tropische zomerdag. Onze gast gaf er een 9 voor. Geen 10, maar wel een mooi cijfer. Dus vroeg ik hem of ik een keer een pastasalade zou maken voor een ludieke lunch. De reactie was totaal anders dan ik verwachtte. Geen enthousiasme. Niet vanwege het ludieke, maar vanwege de pastasalade. Wat bleek? Het cijfer was bedoeld als: “Voor een pastasalade was het erg lekker. Ik houd alleen niet van pastasalade.” Tja, dat bleek niet uit het cijfer. Daar was ik dus bijna mooi de mist in gegaan. Denk je te weten dat een 9 goed is, blijk je toch de context te moeten kennen.

Normen en waarden

Dan een evaluatie op het werk. Een 7,5. Een in mijn ogen zeer matig cijfer, want geen 10. Zelfs geen 9. Mijn collega en opdrachtgever vonden het juist een mooi cijfer. Alles boven een 7 is goed!? Welke waarde je aan een cijfer toe moet kennen, hangt duidelijk af van de norm. Wel lastig, als je die norm niet kent.

Evenwicht

Het blijft lastig. Wanneer is iets nu goed genoeg? En hoe weet je dat dan? Met alleen een cijfer vragen kom je er niet. Dat is duidelijk. Maar vragen: “Is het goed genoeg?” lijkt wel erg vaag. Bovendien, als je een beetje op mij lijkt, wil je ook weten waarom (niet). Moet je dan voor alles een evaluatieformulier met uitgebreide ruimte voor toelichting gebruiken? Of altijd maar het gesprek aangaan? Of er vanuit gaan dat het merendeel van de mensen wel snapt hoe je een vraag bedoelt? Het blijft een kwestie van evenwicht zoeken.  Evenwicht tussen wat jij belangrijk vindt en wat voor de ander belangrijk is. En in hoeverre je met dat laatste wat wilt.

Energie

Volgens mij krijg je energie van dingen die je verder helpen. Dus als je een evaluatie wilt, helpt het om aan te geven wat je met de resultaten wilt doen. En hoe je iets interpreteert. Zo maakte ik van het weekeinde langzaam gegaard varkensbuikspek. Momenteel heel populair onder foodies. En zeer energierijk. Wat voor een aantal mensen in mijn omgeving voldoende was om te gruwen. Oef, al die calorieën… Ik word juist blij van mooi vlees, met een mooie knapperige korst. Warm, hartig troostvoer bij zo’n sombere dag in de winter. Het is maar net waar je je energie vandaan wilt halen.

varkensbuik

De temperatuur is bedoeld voor een conventionele oven. En ik gebruikte 3 verse laurierblaadjes.